Efeziërs 1:3-14

Orde van dienst (Kampen morgendienst)
Psalm 147,1.7
Psalm 111,1.5.6
lezen en tekst Efeziërs 1:3-14
Gezang 29
Liedboek gezang 169
Liedboek gezang 21

Orde van dienst (Kampen middagdienst)
Psalm 147,1.7
lezen en tekst Efeziërs 1:3-14
Gezang 29
Liedboek gezang 169
Gezang 4
Liedboek gezang 21

Loenen-Abcoude 11/08/02
Mijdrecht 11/08/02
Driebergen 18/08/02
Amersfoort-Oost 18/08/02

<<<


Broeders en zusters, geliefd in onze Heer, Jezus Christus,


Eén zin is het in het oorspronkelijke Grieks, dit stukje Efeziërs. Eén ketting van aan elkaar geschakelde gedachten. Het één roept het ander op en Paulus is er zo vol van dat hij de tijd niet neemt om rustig een nieuwe zin te beginnen. De tekst wordt er vol van en massief. Je volgt het zo makkelijk niet. Zelfs in de veel lichter verteerbare vertaling van de Groot Nieuws Bijbel blijft het zwaar ademen. Het is of we Paulus moeten volgen op een bergtocht, waar de lucht ijl is en de hellingen steil.

En er is nog wel iets wat aan een bergtocht kan doen denken: wat er in die ingewikkelde zin gezegd wordt is nu niet bepaald ’down to earth’. Wat hebben die geestelijke zegeningen met ons huis-, tuin- en keukenleven te maken? Het lijken hier vooral vergezichten in het hooggebergte, verheven, mooi, indrukwekkend, maar ijl en steil. Als God geprezen en gedankt moet worden zijn wij gewend dat te doen voor aardig wat normalere dingen dan hier aan de orde komen. Ga maar even na voor jezelf, nu even los van dit stukje Efeziërs: waar zou je zelf God voor willen danken, waarvan zou je tegen een ander willen zeggen: wat goed van God dat Hij dit geeft? - Leven, levensonderhoud, genezing, een mooie vakantie, als iets lukt, fijne dingen, mooie ervaringen, soms, als we erg in de piepzak gezeten hebben, vergeving en genade.

En met dat danken of prijzen zijn we dan ook nog flink wat eerder klaar dan Paulus hier. Of niet soms? Wij zijn niet van die halleluja-types. Doe maar gewoon, dat is gek genoeg. Bovendien hebben we genoeg aan ons hoofd, variërend van echte problemen tot tegenzin om na de vakantie weer aan het werk te gaan. Haast vanzelf haken we af bij een lofprijzing als deze en betrappen we ons op een ’ja maar, wat moet ik hiermee?’ of een ’ja maar, en m’n leven hier dan, en alles wat er gebeurt om me heen?’

Goed, bij Paulus was dat kennelijk anders. Het lijkt de moeite waard eens te vragen: waarom? Was Paulus zo’n esoterisch type, zo’n klimmer op hoge bergen, ver van de steden van de mensen? Het lijkt me niet. Hij trok juist van stad naar stad, en deze brief eindigt met allerlei praktische vermaningen en tips, en met een beschrijving van de geestelijke wapenrusting die je nodig hebt hier op aarde. Het lijkt me dat er iets anders aan de hand is, is wat meer bij ons ligt.

Hoe kom ik eigenlijk aan die associatie met het hooggebergte? Nou ja, omdat ik zaken als uitverkiezing, het bijeenbrengen van alles wat geschapen is in een nieuwe harmonie in Christus, en de komende erfenis op een nieuwe wereld nogal verheven zaken vind, zaken ook die ver weg liggen van mijn dagelijks leven. Zoals je in de bergen ver weg kunt zien en verheven toppen bewonderen, zo dan ook hier. Toch, als ik er nog eens over nadenk, zegt dat iets over mijn manier van kijken en van denken. Ik kijk in principe vooruit, om me heen, naar zaken die op mijn niveau liggen. Een beetje schuin omhoog kan wel eens, maar daarmee houdt het wel op. Als het over verhevenheden gaat denk ik dan meteen dat ik zelf ook hoog moet staan om ze te zien.

Maar dat is helemaal niet waar. Je kunt vanuit een heel diep dal hoge toppen zien, als je maar omhoog kijkt. Je kunt desnoods vanuit de put naar dat kleine stukje hemel kijken, onmetelijk hoog. Als je maar omhoog kijkt. En ik heb het gevoel dat dat precies vaak ons probleem is. We zijn kwartjesvinders geworden, gefixeerd op hier beneden. En dan zijn er alleen nog maar kleinigheden om voor te danken, en een heleboel zaken die ons een ’ja maar’ in de mond leggen. Maar als je nu eens omhoog kijkt?

Dat lijkt me hier het geheim van Paulus. Hij weet maar al te goed wat leven hier betekent. Hij schrijft deze brief vanuit de gevangenis. Maar hij vergeet niet om omhoog te kijken, al is het door het kleine venster van zijn cel. Als hij dan de hemel ziet, blauw, bewolkt, of met sterren ’s nachts, ziet hij een open hemel, en in die open hemel allerlei geestelijke zegen. Dat geeft hem reden te over om God te danken en te prijzen.


Kijk naar de hemel. Wie heeft dat alles geschapen? Wel, de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons uitverkoren heeft om heilig en onberispelijk te zijn, in zijn liefde had Hij tevoren beslist dat Hij ons door Jezus Christus als zijn kinderen zou aannemen. Kijk naar de hemel, midden in de worsteling van het leven, midden in de beslissingen en tussen de keuzes van goed en kwaad, bij alles wat er speelt in je leven, en zie het uitgeschreven staan: uitverkoren om Gods kind te zijn door Jezus Christus, toegewijd en onberispelijk. Dan kun je weer moed vatten, psalmen zingen in de gevangenis, zoals Paulus en Silas, maar ook moed vatten om je leven inderdaad te wijden aan God en goede keuzes te maken.

Kijk naar de hemel, hoog en ver. Je bent een stofje aan een weegschaal, een druppel aan een emmer, zo onbetekenend en onbelangrijk als je je voelen kunt, mislukt en ondergeschoffeld in het leven. Maar kijk nog eens en lees wat er geschreven staat: je bent ertoe bestemd om als zoon of dochter van God te worden aangenomen door Jezus Christus. Zodra dat tot je door begint te dringen, begin je ook Paulus te begrijpen: laten wij God prijzen om het grootse geschenk dat Hij ons heeft gegeven in zijn geliefde Zoon.


En dat is nog maar het begin. Er is allerlei geestelijk zegen in de hemel. In de hemel is Jezus. Waar ter wereld ook kun je de hemel zien. Die hemel spreekt van die andere hemel, vlak om de hoek van de werkelijkheid, waar Jezus is. De wolken schrijven het voor je uit: in Jezus zijn we door zijn bloed bevrijd en zijn onze overtredingen vergeven. In Jezus is een rijkdom van genade, die verder reikt nog dan verzoening en vergeving: wijsheid en verstand, de weg leren vinden in je leven omdat je door God zelf het grote kader van je bestaan aangereikt krijgt.

Het is echt de moeite waard om eens omhoog te kijken in je leven en je niet te fixeren op wat je om je heen allemaal ziet. Om je heen zie je wat je gedaan hebt, zie je wat andere mensen allemaal doen, zie je allerlei uitdagingen en moeilijkheden, zie je zorgen en verleidingen. Als je je daarop richt wordt je leven klein en draait het zich vast. Hoe kun je verder met wat je aangericht hebt? Hoe moet dit worden aangepakt, hoe dat worden opgelost? Als je niet omhoog kijkt gaat het je zomaar beheersen. En dan sterft de dank en de lofprijzing in je leven. Zoek de hemel en lees wat de sterren echt schrijven. Ze schrijven geen horoscopen voor onzekere zoekers, maar melden de verlossing door Christus’ bloed en de vergeving van je zonden.

Ze twinkelen je toe dat er meer is dan wat je hier bezig houdt. God is bezig om, ter voorbereiding op de volheid van de tijd, alles onder Christus in nieuwe harmonie bij elkaar te brengen. Midden in de disharmonie van het heden, waar de natuur sterft, de geschiedenis uit de hand loopt en mensen en volken elkaar beschadigen, spreekt de hemel van het geheim van God, dat Hij door Christus in de schepping, tussen mensen onderling en tussen God en mensen weer harmonie aan het brengen is. Dat wil het grote kader van je leven hier zijn, dat je de goede weg wijst.

Straks gaat Paulus zeggen: wees dan navolgers van God, als geliefde kinderen, en wandel in de liefde, zoals ook Christus u heeft liefgehad. En hij werkt het in allerlei opzichten praktisch uit. Maar hij kan dat doen, omdat hij niet alleen om zich heen kijkt, maar ook naar boven. Om je heen zie je maar al te vaak hoe liefde niets uithaalt, hoe haat sterker is dan liefde, hoe het kwaad het goede overwint. Hoe kun je dan de moed houden om het kwade te overwinnen door het goede? Christelijk leven kan zo verdraaid buiten het leven lijken te staan, onwerkelijk, gedoemd om te verliezen. Kom op, kijk ook eens omhoog. De zon die schijnt spreekt van hèt Licht van de wereld en van de nieuwe harmonie die God bezig is in Christus werkelijk te maken. De wolf en het lam, het kind en de slang, in nieuwe harmonie, je ziet ze hier op aarde niet. Maar kijk naar de hemel, daar staan ze al uitgeschreven als de sterrenbeelden van Christus.


En ze staan er uitgeschreven voor u, voor jou, voor mij. In Christus hebben ook wij het erfdeel ontvangen, of anders: in Christus zijn ook wij tot die harmonie uitgekozen, aangewezen. Door Jezus vallen we in de prijzen: we delen in die goddelijke harmonie waar aan gewerkt wordt. Kijk om je heen, en je ziet van alles wat je te pakken kan nemen, wat je beklemmen en meenemen kan. Of het goed voelt of juist niet, of je er in op kan gaan of juist aan verslaafd raken, dat maakt hier even niet uit. Het verschil is uiteindelijk ook niet zo groot. Maar kijk omhoog en lees in de blauwe lucht dat door Christus jouw plaats in de hernieuwde wereld zeker is. En kijk dan nog eens om je heen. Hoe ziet het er dan uit? Wat heb je dan te doen?

Realiseer je maar dat God hier goed over nagedacht heeft. Hij heeft jouw voorbestemd tot die nieuwe wereld. Hoe onoverzichtelijk voor ons het leven ook is, met verrassingen om de hoek van de nieuwe dag, in Christus ontmoeten we de God die alles uitvoert zoals Hij het wil. Het evangelie waarmee Hij je laat roepen meent Hij zó serieus dat het dateert van vóór alle tijden, van vóór de schepping. Voor wie Christus ontmoet heeft en lief gekregen heeft gaat dan de schepping, de hemel spreken van zegen en van gaven. Wat er nu ook in je leven staat, er komt meer, nieuws, harmonie, vrede. Kijk omhoog, lees de boodschap, en je begint te begrijpen wat Paulus hier bezielt: Laten we de grootheid van God prijzen, wij die al zolang onze hoop stelden op Christus.


Trouwens, u bent toch ook gemerkt met het stempel van de Heilige Geest, het voorschot van ons erfdeel, waarborg voor de bevrijding? Dat is toch gewoon vandaag, hier en nu, en morgen, dat we door de Geest leren als kinderen van God te leven, dat er een begin is van goed leven, van levenswijding, van vrede? U merkt toch iets van uw geloof, van God, van levensvernieuwing? Iets, niet niets. Als het niets is hebt u een groot probleem. Iets. Hoeveel of hoe weinig daar heb ik het even niet over. Ook een klein begin is al een onderpand, een waarborg. Ook een klein beetje Geest trekt je de ogen al omhoog naar de hemel, niet meer gefixeerd op wat om je heen is, maar onder een open hemel.

Onder een open hemel leren we Gods grootheid prijzen. Allerlei kleine alledaagsheden gaan dan spreken van meer en komen in onvermoede verbanden te staan. Van vóór de grondlegging van de wereld is God met ons bezig, tot ná de afsluiting van de geschiedenis zal Hij het zijn. Waar je ook maar de hemel kunt zien, kun je dat lezen. Als je het tot je door laat dringen verandert alles in je leven. Drie keer zet Paulus als het ware een punt-komma in zijn lange zin met de woorden ’tot lof van zijn heerlijkheid’. Bij het werk van de God en Vader van onze Heer Jezus Christus in vers 6, bij het werk van zijn geliefde Zoon Jezus Christus in vers 12, en bij het werk van de Geest, in vers 14. Samen overkoepelen ze ons bestaan. Wie naar de hemel kijkt en ogen heeft om te zien, ziet op naar de Personen naar wie wij met reden opzien, en hun woorden ziet hij uitgeschreven staan. Nu dan, laten we zijn grootheid prijzen. Amen.


<<<